| Het is voorbij. |
[Jun. 29th, 2006|04:45 pm] |
Na een half jaar in de Verenigde Staten ben ik weer terug in Nederland. Eindelijk weer thuis.
En zoals iedere andere reiziger naar Amerika sinds De Tocqueville, ga ik nu mijn eigen indrukken, vooroordelen en statistisch volstrekt niet gestaafde meningen van een air van betrouwbaarheid voorzien, want ik ben er tenslotte zelf geweest.
Nou ja, ik ben in Austin geweest. Austin is best okee. Ik zou er kunnen wonen, heb ik wel eens gedacht toen ik daar rondliep, als mijn vriendin tenminste mee zou verhuizen.
De meeste tijd heb ik daar doorgebracht op de universiteit en ik heb mijn niet heel erg verdiept in de achtergronden, maar het systeem was ongeveer als volgt: een student betaalt 30.000 dollar per jaar (20 keer zo veel als een Nederlandse student), maar er zijn allerlei funds, grants en subsidies zodat iedereen een plek kan krijgen. In theorie, tenminste. In de praktijk, waren ik met mijn dreads en een danig en kunstmatig gebruinde studente het etnische element in de klas. Dus selectie aan de poort werkt vooral in het buiten houden van minderheden. Maar afgezien van het nare smaakje die dat in mijn mond achterliet, was studeren in de VS een verademing: collegezalen vol met slimme, gemotiveerde studenten, die de collegestof hadden voor bereid. Niets ten nadele van mijn medestudenten natuurlijk, maar kom daar maar eens om in Nederland. Het toont wel aan dat een Harvard aan de Rijn, of wat voor Anglo-Saxische plannen de overheid heeft met de universiteiten, volstrekte onzin zijn: zodra de politiek accepteert dat universitair onderwijs alleen toegankelijk is voor studenten van Harvard-niveau, kan het onderwijs opgetrokken worden tot het niveau van Amerikaanse top-universiteiten, eerder niet.
Wat wel leek te werken is dat de subsidie wordt verleend op basis van het aantal gedoceerde minuten. Er waren dus colleges van bijvoorbeeld 37 of 48 minuten, zodat de boekhouding klopte. Niet dat ik een voorstander ben van zulke bonentellerij, maar het elimineert de perverse prikkel uit ons systeem, dat universiteiten worden beloont voor afstuderende studenten, waardoor er dus een financiele prikkel ontstaat voor het verlenen van een academische onderscheiding.
De spaarzame tijd die ik buiten de academie heb doorgebracht (heb ik al verteld wat voor een werklast er hoort bij een degelijke Law School?) geeft mij de indruk dat er in Austin best te leven valt, er zijn groen voorzieningen (nou ja, bruin-voorzieningen in de zomer) en mensen zijn er vriendelijk. Ik voelde me in Austin sneller op mijn plek dan in Groningen, al hielp het natuurlijk wel dat ik in Austin een interessante buitenlander was, en ging wonen in een gemeenschap, in plaats van een studentenflat waar men langs elkaar heen leeft.
Over langs elkaar heen leven gesproken, integratie en inburgering, daar doet men in de VS niet aan. Er is een citizenstest en men is "allemaal Amerikaan", maar het is toch vooral het oude Nederlandse zuilen model: Wasps hebben hun zuiltje, African-Americans hebben hun zuiltje, Hispanics hebben hun eigen zuiltje, met eigen scholen, wijken, kranten en televisie zenders. De hele metafoor van een smeltkroes is dikke onzin, en ook in de VS zijn, tot ongetwijfeld groot verdriet van de KKK en Wilders, de overheidsfolders in minstens drie talen beschikbaar: Engels, Spaans en een Aziatische taal die ik niet kon herkennen.
Het grootste verschil tussen Nederland en de Verenigde Staten is toch het Calvinistische gedachtengoed. Het idee dat de overheid verantwoordelijk is voor het zielenheil van haar onderdanen en dat alle drugs zonde zijn. In Nederlands heb je dat niet meer zo sterk, maar in Amerika is het volstrekt surreel om te zien hoe men omgaat met alcohol, tabak en (soft-)drugs. Overal moet je je legitimeren voor een flesje bier. Onder de 21, of geen identiteitskaart bij je (paspoort accepteren ze niet), dan krijg je (officieel) geen druppel drank mee. Roken is op steeds meer plaatsen verboden, en als er een stompje van een joint gevonden wordt in je asbak, dan is dat een overtreding van hun versie van de Opium-wet. Lekker efficiente inzet van politie-middelen. Vooral omdat in de hele universiteit, iedereen, 21 of niet, aan softdrugs en drank kan komen. Ieder weekend werden er weer arrestaties verricht, maar de "war on drugs" is toch wel gewonnen door een coalitie van zware criminelen en onschuldige burgers.
Universiteit, integratie, drugsbeleid, ik geloof dat ik het allemaal wel behandeld heb. Wat heb ik geleerd van een semester in de Verenigde Staten?
Om te beginnen een heleboel rechtsfilosofie, en verder studentenhuizen zijn leuker dan studentenflats, Austin is net Europa, Amerikanen zijn gek, maar niet heel veel gekker dan Europeanen, magic is leuk, en 6 maanden zonder gekookte aardappelen overleef ik ook. |
|
|